Alles over scheiden

De inkomstenbelasting in het kort

 

Inleiding

Iedereen die in Nederland woont en inkomsten geniet, betaalt in principe inkomstenbelasting.

Voor 2001 was de aangifte inkomstenbelasting heel ingewikkeld, maar sindsdien is het voor veel Nederlanders een peuleschil.

 

loonbelasting

Als je inkomen uit arbeid of uitkering hebt, heft de belastingdienst al bij betaling van het loon/de uitkering een voorheffing op de inkomstenbelasting. Dit heet de loonbelasting. De loonbelasting voorkomt dat je achteraf een torenhoge inkomstenbelasting moet betalen.

 

voorlopige aanslag inkomstenbelasting
Ook kan een voorlopige aanslag inkomstenbelasting ervoor zorgen dat je niet achteraf een hoge aanslag krijgt of veel geld terugkrijgt.

Je kunt het dus zelf regelen dat je gedurende het jaar al de belasting terugkrijgt of betaalt. Dat voorkomt ook dat je invorderingsrente hoeft te betalen. 

 

boxenstelsel
In Nederland worden de inkomstenbronnen onderverdeeld worden in drie zogenaamde boxen: box 1, box 2 en box 3.

De meeste mensen hebben alleen met box 1 en soms met box 3 te maken.

In elke box betaal je (als de box van toepassing is op jouw situatie) een specifiek belastingpercentage.

 

BOX 1

Box 1 gaat over inkomen uit werk en het inkomen uit de eigen woning.

het inkomen uit werk kan zijn:

  • inkomen uit tegenwoordig werk: inkomen uit arbeid

  • inkomen uit voormalig werk: een uitkering, bv een WW, WIA of een AOW-uitkering.

 

belasting box 1

In box 1 betaal je in 2020 over de eerste 68.508 euro  (dat heet de eerste schijf) 37,35% belasting. Over het inkomen daarboven - de tweede schijf- betaal je 49,5% belasting.

AOW-gerechtigden betalen over de eerste € 20.771 maar 19,4% belasting, daarboven 37,35. Dat komt omdat zij geen AOWpremie hoeven te betalen.

 

Voorbeeld:

Tim (40) heeft in 2020 een fiscaal loon uit arbeid van 26.774 in box 1. Tim betaalt dan in de eerste schijf 37,35% inkomstenbelasting over het fiscaal loon van 26.774. Tim moet dan 10.000 euro inkomstenbelasting betalen.

heffingskortingen

Bij de inkomstenbelasting wordt vervolgens gekeken of je recht op een of meer heffingskortingen. Dit zijn kortingen op de inkomstenbelasting. Vervolgens worden van het te betalen belastingbedrag de  heffingskortingen afgetrokken.

Voor meer informatie over de verschillende heffingskortingen zie de paragraaf heffingskortingen hiernaast.

 

Vervolg voorbeeld

Zoals we hierboven zagen, heeft Tim een inkomen uit arbeid van 26.774 euro per jaar. Hij moet 10.000 euro inkomstenbelasting betalen.
In Tim zijn geval zijn er twee heffingskortingen die in mindering komen op de inkomstenbelasting:
- de algemene heffingskorting: € 2.367,-
- de arbeidskorting: € 3.819,-
Opgeteld zijn de heffingskortingen € 6186.-. Dit bedrag aan heffingskorting wordt in mindering gebracht op de inkomstenbelasting, waardoor Tim aan inkomstenbelasting moet betalen: (10.000 -6186=) € 3.814.

 

Als je geen woning hebt, is veelal de inkomstenbelasting na afloop van het jaar 0 €. Bij de voorheffing (de loonbelasting) is meestal het juiste bedrag aan loonheffing, de voorlopige inkomstenbelasting, ingehouden. Er hoeft dan na afloop van het jaar niets meer betaald te worden en er is ook geen recht op teruggave.

In het hierboven genoemde voorbeeld is de belasting van Tim al ingehouden bij de uitbetaling van het loon. Tim krijgt dus geen aanslag na afloop van het jaar omdat de te betalen inkomstenbelasting overeenkomt met de voorheffing die gedurende het jaar is ingehouden.

 

Inkomen en een koopwoning

Als je een koopwoning hebt, gaat het bij de meeste huishoudens alleen om deze posten in box 1:

  • Fiscaal inkomen uit werk of uitkering

  • plus: inkomen uit woning (het eigenwoningforfait)

  • min: betaalde hypotheekrente voor de woning.

Over het totaal, het belastbaar inkomen, is dan inkomstenbelasting verschuldigd.

 

Vervolg voorbeeld:

Tim koopt een huis. Het eigenwoningforfait is per jaar 1000 euro. De door hem betaalde hypotheekrente is  in 2020 € 4.000,-. Per saldo kan Tim dan (+1000 -4000=) 3000 euro aftrekken van zijn inkomen.De berekening van zijn inkomstenbelasting ziet er dan als volgt uit:
inkomen uit arbeid: 26.774
inkomen uit woning:
eigenwoningforfait: + 1000
hypotheekrente: -4000
inkomen uit werk en woning: 23.774
Tim betaalt nu 37,35% belasting over dit bedrag, dat is  € 8.879,-. Tim betaalt nu 1121 euro minder belasting. Je kunt dit bedrag ook anders berekenen: De aftrek die Tim uit de wonin heeft, is € 3.000,-. 37,35% daarvan is 1121 euro.
Het voordeel uit de woning is dus 1121 euro per jaar. Dat is € 93,42 per maand.

Tim heeft de keuze om:

  1. gedurende het jaar 2020 maandelijks dit bedrag terug te krijgen. Dat kan hij doen door een voorlopige aangifte inkomstenbelasting over 2020 te doen, waarmee hij een voorlopige aanslag krijgt.

  2. na afloop van het kalenderjaar 2020 bij de aangifte inkomstenbelasting zijn inkomen uit arbeid en het inkomen uit de woning aan te geven. In dat geval krijgt hij in de eerste helft van 2021 in één keer een bedrag van €1.121,-.
     

Teruggave inkomstenbelasting door inkomensafhankelijke combinatiekorting.

Alleen als je een kind onder de 12 hebt, kun je onder voorwaarden recht hebben op de inkomensafhankelijke combinatiekorting. Dit bedrag, maximaal € 2.881,- per jaar, krijg je dan terug van de inkomstenbelasting. Dat kan maandelijks gedurende het belastingjaar of na afloop van het kalenderjaar ineens.

Voor meer informatie hierover zie de paragraaf heffingskortingen hiernaast.

 

Betaling/Teruggave inkomstenbelasting door alimentatie

Een andere reden waarom je na afloop van een jaar inkomstenbelasting moet betalen of kunt ontvangen, is bv partneralimentatie. Door het betalen van partneralimentatie kun je dat bedrag namelijk aftrekken van de inkomstenbelasting. Je moet dan dus belastinggeld terugkrijgen van de belastingdienst. Als je geen voorlopige aanslag had of een voorlopige aanslag die daar geen rekening mee hield, krijg je na de aanslag geld terug.
Bij het ontvangen van partneralimentatie moet je inkomstenbelasting (en ook procentuele ZVW-premie) betalen. Als je dat niet tijdens het kalenderjaar al doet, moet je dat achteraf betalen. Je bent dan ook nog eens invorderingsrente (momenteel 4% per jaar) kwijt.

 

BOX 3

Box 3 gaat over het inkomen uit sparen en beleggen. Hier gaat het over spaargeld, beleggingen en bv een 2e woning.

 

Het belastingpercentage is hier 30%.

 

De belastingdienst rekent in 2020 (en wellicht ook 2021 nog met forfaitaire rendementen die je met je spaargeld kunt behalen.

 

De eerste € 30.846,- zijn vrijgesteld van belastingheffing. Dit heet het heffingvrij vermogen in box 3. Bij fiscale partners is dit bedrag dubbel zo groot, dus € 61.692,-

 

Vervolgens wordt je geacht over de eerste € 72.797 daarboven 1,7991% rendement uit je vermogen te halen. als je een fiscaal partner hebt, is dit bedrag 2x zo groot, dus € 145.594.

 

Daarboven heb je over de eerste 1.005.572 4,2233% forfaitair rendement. Heb je een fiscaal partner dan wordt ook dit bedrag verdubbeld.

 

Pas daarna kom je aan het top forfaitair rendement van 5,6%.

 

Voorbeeld

Tim en Lisa hebben 261.692 euro aan vermogen.

 

De eerste 61.692 zijn als heffingvrij vermogen box 3 vrijgesteld van belasting in box 3. Zij hebben dan een rendement uit vermogen van 1,7991% x 200.000 = € 3.598,20. Zij betalen dan 30% over dit rendement van € 3598,20 aan belasting in box 3 . Zij betalen dan € 1.079,46 aan inkomstenbelasting in box 3.

 

De belasting in box 3 vanaf 2022

Op 6 september 2019 heeft de staatssecretaris van Financiën bekendgemaakt dat er voor de zomer van 2020 een wetsvoorstel komt om de heffing over inkomen uit sparen en beleggen in box 3 aan te passen. Het lijkt erop dat belastingplichtigen vanaf 2022 over een vermogen tot € 440.000 effectief geen belasting meer betalen. Het is de bedoeling dat de nieuwe wet per 1 januari 2022 in werking treedt. In de brief van 6 september 2019 is meer te lezen over de contouren van de nieuwe regeling.

TVM-logo_edited.png
TVM-logo_edited.png

© Ton van Mil     T +31 43-367 21 19     info@tonvanmil.nl

Putstraat 29, 6245 LD Oost-Maarland, (Eijsden), Limburg

MfN_Registermediator-wit.png
vfas_logo-scheidingsmediator.png

TON VAN MIL NEEMT VANAF 29-11-2018 GEEN DERDENGELDEN MEER IN ONTVANGST.