Alles over scheiden

Draagkrachtvergelijking kinderalimentatie

 

stap 4: Een draagkrachtvergelijking maken voor alle alimentatieplichtige(n)

 

Bij stap 1-3 is berekend wat de draagkracht van de ouders is. Nu moet bekeken worden of er een draagkrachtvergelijking gemaakt moet worden of niet. 

 

Optie a: draagkracht ouders is kleiner dan de behoefte van de kinderen: geen draagkrachtvergelijking

Als de gezamenlijke draagkracht van de ouders lager is dan de behoefte van de kinderen hoeft er geen draagkrachtvergelijking te worden gemaakt en moeten de ouders conform hun draagkracht in de behoefte van de kinderen bij te dragen.

 

Voorbeeld optie a:

Pim en Anne hebben 2 kinderen. De behoefte van de kinderen is 855 euro. De draagkracht van Pim is 500 euro. De draagkracht van Anne is 300 euro. 

In dit geval is de gezamenlijke draagkracht van Pim en Anne (500+300=) 800 euro. dat is lager dan de gezamenlijke behoefte van de kinderen van 855 euro. De draagkrachtvergelijking hoeft dan niet gemaakt te worden. Het bedrag aan draagkracht van Pim en Anne is vervolgens uitgangspunt voor de rest van de berekening.

 

Optie b: draagkracht ouders is groter dan de behoefte van de kinderen: draagkrachtvergelijking maken

Als beide ouders opgeteld meer kunnen bijdragen aan de kosten van de kinderen dan de hoogte van de behoefte van de kinderen is, dient er een zogenaamde draagkrachtvergelijking gemaakt worden. De ouders moeten dan naar rato van hun draagkracht in de behoefte van de kinderen bijdragen. 

 

Voorbeeld optie b:

Pim en Anne hebben 2 kinderen. De behoefte van de kinderen is 720 euro. De draagkracht van Pim is 700 euro. de draagkracht van Anne is 300 euro. 

In dit geval is de gezamenlijke draagkracht van Pim en Anne (700+300=) 1.000 euro. Dat is meer dan de gezamenlijke behoefte van de kinderen van € 720,-.

 

De draagkrachtvergelijking ziet er dan als volgt uit:

Draagkracht na draagkrachtvergelijking = draagkracht zelf/draagkracht totaal x behoefte.

 

Het aandeel van Pim:

Pim kan na draagkrachtvergelijking bijdragen: 700/1000 x 720 = 504 euro per maand.

 

Het aandeel van Anne:

Anne kan na draagkrachtvergelijking bijdragen: 300/1000 x 720= 216 euro per maand.

 

Samen:

Partijen kunnen dan opgeteld (504 + 216=) 720 euro per maand aan de kosten van de kinderen bijdragen. Dit totaal is hetzelfde als de behoefte van de kinderen.

 

Doordat partijen samen meer dan de behoefte van de kinderen kunnen betalen, betaalt ieder minder dan hij/zij eigenlijk zou kunnen:

in dit voorbeeld is het aandeel van Pim 504 euro, terwijl hij 700 euro zou kunnen bijdragen en het aandeel van Anne is 216, terwijl zij 300 euro zou kunnen bijdragen.

TVM-logo_edited.png
TVM-logo_edited.png

© Ton van Mil     T +31 43-367 21 19     info@tonvanmil.nl

Putstraat 29, 6245 LD Oost-Maarland, (Eijsden), Limburg

MfN_Registermediator-wit.png
vfas_logo-scheidingsmediator.png

TON VAN MIL NEEMT VANAF 29-11-2018 GEEN DERDENGELDEN MEER IN ONTVANGST.