Alles over scheiden

Wet pensioenverdeling bij scheiding 2022

Op 16 september 2019 is het wetsvoorstel 'Verdeling van pensioenrechten bij scheiding 2021' ingediend bij de tweede kamer. inmiddels heet dit wetsvoorstel 'Regels over de verdeling van pensioen bij scheidingen vanaf 2022 (Wet pensioenverdeling bij scheiding 2022).

 

Hier en hier kun je de huidige stand van het wetgevingsproces volgen.

 

Gaat de wet per 1 juli 2022 gelden?

De bedoeling is dat de wet pensioenverdeling bij scheiding 2022 per 1 juli 2022 gaat gelden voor alle scheidingen die op of na 1 juli 2022 rondkomen.

 

Gaan de nieuwe regels al per 1 juli 2022 gelden?

In de brief van de minister van 8 juli 2021 meldt de minister het volgende:

"De beoogde inwerkingtredingsdatum is 1 januari 2022. Zoals ik u al eerder meldde in mijn brief van 21 april 2020, is het wenselijk dat voor scheidende partijen en scheidingsprofessionals geruime tijd voor de scheiding duidelijk is welke gevolgen de scheiding heeft voor het pensioen, en welke regime van pensioenverdeling van toepassing is (de huidige wet of de nieuwe wet). Voor pensioenuitvoerders moet er voldoende voorbereidingstijd zijn om hun werkwijzen en administraties aan te passen. Een inwerkingtreding per 1 januari 2022 is gelet hierop niet langer haalbaar. Daarom meld ik – mede namens mijn ambtgenoot voor Rechtsbescherming – dat de beoogde inwerkingtredingsdatum van het wetsvoorstel wordt verschoven naar 1 juli 2022."

Het wetsvoorstel is niet controversieel verklaard. De eerstvolgende stap is een inhoudelijk debat na het zomerreces van 2021.

 

Toch zal de ingangsdatum waarschijnlijk (veel) later zijn dan 1 juli 2022.

De wet, althans zo luidt thans het wetsvoorstel, gaat gelden voor scheidingen waarvan de echtscheidingsbeschikking vanaf 1 juli 2022 bij de gemeente wordt ingeschreven.

De datum van inschrijving van de echtscheidingsbeschikking is dus bepalend voor geldigheid voor de nieuwe wet.

 

Dat zou in de loop van het wetgevingstraject nog wel eens kunnen veranderen, omdat de inschrijvingsdatum van de beschikking helemaal niet handig is.

Je hebt namelijk als partij geen totale controle over de datum van inschrijving bij de gemeente , bijvoorbeeld omdat een van de echtelieden een snelle scheiding kan tegenhouden. Sterker nog: als er nu een verzoekschrift tot echtscheiding wordt ingediend waarbij partijen het niet met elkaar eens zijn dan is de kans zeer groot dat de echtscheiding niet voor 1 juli 2002 rondkomt. In dat geval gelden de nieuwe regels.

De procedure tot echtscheiding bij de rechtbank kan dus lang duren, maar vervolgens kan ook nog de inschrijving bij de gemeente tegengehouden worden door één partij wanneer deze partij weigert een zogenaamde akte van berusting te ondertekenen. Dat is een verklaring dat een partij instemt met de uitspraak van de rechter en geen hoger beroep aan zal tekenen.

Het is veel logischer om de datum van indiening van het verzoekschrift als ingangsdatum voor deze wet te kiezen.

 

Op die manier is dan al voor de echtscheiding rond is, duidelijk of de oude wet tot pensioenverevening of de nieuwe wet voor pensioenverdeling geldt. Ook bij de meest recente wetswijziging, strekkende tot wijziging van de duur van de partneralimentatie was de datum van indiening van het verzoekschrift bepalend.

De kans dat de wet op dit punt aangepast gaat worden is dus aanzienlijk.

Dat zou betekenen dat de wet in de praktijk wat later gaat gelden. Voor gemeenschappelijke verzoeken tot echtscheiding zal dat al enkele weken na 1 juli 2022 zijn, maar in procedures tot echtscheiding waar twee advocaten ieder een partij bijstaan zal dat mogelijk soms een jaar later zijn.

Hoe is het nu geregeld met pensioen?

Kortgezegd komt het er nu op neer dat de ouderdomspensioenrechten die tijdens het huwelijk door beide partners zijn opgebouwd, verdeeld worden. Dat heet verevening. Verder houdt de ex-partner recht op nabestaandenpensioen die voor en tijdens het huwelijk is opgebouwd.

Hier vind je meer informatie over de verevening van ouderdomspensioenrechten en hier over de verdeling van het nabestaandenpensioen ook wel ' bijzonder partnerpensioen'  genoemd

Eén van de nadelen van de huidige wet is dat bij verevening van het pensioen je afhankelijk bent van de datum waarop je ex-partner met pensioen gaat. Pas dan krijg je als ex-partner de helft van het ouderdomspensioen dat tijdens het huwelijk is opgebouwd. Deze wordt wel uitgekeerd door de pensioenuitkering als tenminste binnen 2 jaar na scheiding de pensioenuitvoerder een zogenaamd vereveningsformulier heeft ontvangen (dat is hier te vinden op mijn website)

Wat verandert er? oftewel: Wat zijn bij de nieuwe wet pensioenverdeling bij scheiding 2022 de belangrijkste veranderingen?

  1. Conversie van pensioenrechten wordt de standaard.
    Bij conversie krijgen beide ex-partners een zelfstandig recht op pensioen per de eigen pensioendatum. Hierdoor is de verdelingsgerechtigde partner niet meer afhankelijk van de keuze van de verdelingsplichtige partner om eerder of later met pensioen te gaan.  Ook heeft het overlijden van een van beide ex-partners geen invloed meer op de pensioenuitkering van de ander.
    Beide ex-partners krijgen standaard de helft van het tijdens het huwelijk door de ander opgebouwde pensioen. Ex-partners kunnen ook aangeven dat zij het pensioen niet willen verdelen of dat zij andere afspraken over de verdeling maken.

  2. Voortaan verdelen pensioenuitvoerders de pensioenen automatisch 6 maanden na de scheiding. Alleen wanneer partners binnen deze termijn aangegeven hebben het pensioen anders te willen verdelen, kan hiervan worden afgeweken.

  3. Voor het bijzonder nabestaandenpensioen wordt alleen de waarde die tijdens het huwelijk is opgebouwd geldend. Op dit moment wordt ook de voorhuwelijkse periode nog meegenomen bij het nabestaandenpensioen. Bij de opgebouwde ouderdomspensioenen wordt wel alleen de tijdens huwelijk opgebouwde pensioenen in aanmerking genomen. Dat blijft zo.

  4. Het bijzonder nabestaandenspensioen wordt voortaan gelijkelijk verdeeld. Nu komt dat alleen aan de partner van de deelnemer (diegene die het pensioen opbouwt) toe.Voor de deelnemer is op dit punt de nieuwe wet dus gunstiger.